
Dit is wat we gaandeweg ontdekten: hoe gekker het idee, hoe makkelijker het wordt om mensen aan boord te krijgen.
Peter de Greef, een oude rot op het vlak van zetwerk, verklaarde ons voor gek en beoordeelde onze deadline als volstrekt onhaalbaar. Niettemin gingen hij en zijn medewerker Gert De Preter met razende vaart aan de slag.
Michael Domen aanvaardde de verantwoordelijkheid voor de vertaling en wist de ijzingwekkende deadline die hem constant in de nek hijgde succesvol te negeren.
Mythras Books, de vertegenwoordiger van Krummholz in de Belgische boekhandels, waarschuwde ons expliciet voor het financiële risico van The Book. Niettemin besloot directeur Eric Willems om ons een duwtje in de rug te geven met een financiële vriendendienst.
Hungry Minds waarschuwde ons dat niet zomaar elke drukker in staat is om een boek als The Book te drukken. Dat bleek te kloppen. De onvermoeibare Didier Beyens van Best in Graphics ging op zoek naar iemand die de klus wèl aan kon, en hielp Krummholz en die drukker bij het neutraliseren van allerlei technische obstakels. Meerdere weken had ik Didier vaker aan de lijn dan mijn partner. Het resultaat is een proeve van zeldzaam geworden vakmanschap.
De mensen van New Book Collective, onze vertegenwoordigers in Nederland, staken een tandje bij voor een promotiestrategie die we zonder aanstellerij ‘365 graden’ mogen noemen. Online en offline, in de boekhandel en op straat, in de mainstream- en de gespecialiseerde pers: The Book zal dit najaar o-ver-al zijn.
Wat bezielde al die mensen?
Als u de komende weken door de boekhandel struint en op The Book stuit – dat zal niet moeilijk zijn, het neemt nogal wat plaats in! – neem dan een minuutje de tijd om het te doorbladeren. U zal aangenaam verrast worden door hoe oogstrelend het binnenwerk is. Bedenk dan dat dit niet zomaar een boek tussen de honderden anderen is: The Book is ook een krankzinnig idee dat geen enkele kans op slagen had en op onbegrijpelijke wijze tóch in de winkels belandde. Het is een papieren mysterie. Hoe vaak kom je dàt tegen?
— Mark Cloostermans


